Crisis is een kans, zeggen sommige mensen. En ook in de boeddhistische wijsheidstraditie wordt vaak genoemd dat je in barre tijden bijzonder ontvankelijk bent om verlicht te raken. Maar niet altijd. Het ligt er vooral aan welke keuzes je maakt, zegt Pema Chödron in dit fragment van een van haar lezingen.
Smart tegemoet treden
Wat doen we als we op moeilijkheden stuiten in ons leven? Gaan we de pijn aan of lopen we weg? Jiddu Krishnamurti zegt er het volgende over:
‘Hoe treed je smart tegemoet? Volgens mij treden de meesten van ons hem heel oppervlakkig tegemoet. Onze opvoeding, onze opleiding, onze concrete kennis en de sociologische invloeden die op ons inwerken, al die dingen samen maken ons oppervlakkig. Een oppervlakkige geest is een geest, die met uitvluchtenleeft: de kerk, de een of andere gevolgtrekking, het een of andere theoretische begrip of beeld, een geloof of een denkbeeld. Dat alles zijn de dingen, waartoe de oppervlakkige geest zijn toevlucht neemt. Kun je soms geen toevluchtsoord vinden, dan bouw je een muur om je heen en wordt cynisch, hard en onverschillig, of je vlucht in een of andere al te gemakkelijke neurotische reactie. Al zulke vormen van zelfverdediging tegen leed beletten het doen van diepgaand onderzoek…
Let nu eens op je eigen geest; kijk aandachtig hoe je je verdrietigheden wegredeneert, hoe je jezelf verliest in werk, in ideeën, of je vastklampt aan een geloof in God of in een volgend leven. Als geen enkele verklaring of geloof bevrediging gegeven heeft ontvlucht je de zaak in drank, in seks, of door cynisch, hard, bitter of koel en afstandelijk te worden… Dat is van de ene generatie op de andere zo door ouders aan hun kinderen doorgegeven, en de oppervlakkige geest licht dat verband nooit meer van de wond; hij weet niet echt wat smart is, hij heeft er nooit werkelijk kennis mee gemaakt. Wat hij heeft is niet meer dan een denkbeeld omtrent smart. Hij heeft alleen een beeld, een symbool van smart, maar komt nooit met smart in aanraking – alleen met het woord smart komt hij ooit in aanraking.’
Uitzoomen
Erg hè. Als je op de fiets stapt en het begint net te regenen. Of als je favoriete diepvriespizza uitverkocht is bij de Albert Heijn. Of als je geliefde weigert om de was te doen. Wat op zo’n moment nog wel eens helpt, is uitzoomen. Van de vierkante meter waarop je staat, naar je huis, je straat, je stad, je land, je continent, de aarde en verder. Ineens lijken je problemen heel klein. Want je komt erachter dat jij heel klein bent en onderdeel uitmaakt van een enorm, geniaal en prachtig geheel. Youtube maakt het je nog gemakkelijker. Het staat vol met filmpjes van prachtige sterrenhemels, vaak gemaakt d.m.v. ‘timelapse’, wat betekent dat er om de zoveel tijd een paar seconden is gefilmd, waardoor je een fastforward-effect krijgt. Onderstaande video geeft op deze manier de sterrenhemel boven een observatiestation in de Chileense Andes weer.
Roddel en achterklap
Ach, je kent het wel… Je zit lekker te eten met een vriend of vriendin die je al een tijdje niet had gezien. Je kletst wat af, totdat de ander ineens over tafel naar voren buigt en op samenzweerderige toon zegt:’Heb je dat gehoord van ….?’ Er gaat een schokje door je heen. Nee, je hebt niks gehoord! Wat zou … hebben gedaan? Wat zou er gebeurd zijn? Je hoeft gelukkig niet lang op het antwoord te wachten. Je tafelgenoot vertelt in geuren en kleuren hoe de relatie van …. naar de knoppen is gegaan. Dat het zijn of haar eigen schuld was en dat het van het begin af aan al te verwachten was, want … was immers altijd al een beetje labiel. Samen analyseren jullie nog even hoe het anders had gemoeten, waarna jou ineens een nieuwtje te binnen schiet dat je tafelgenoot ook echt even móet horen.
Roddelen, geheimen verklappen en kwaad spreken. De meesten van ons hebben het wel eens gedaan, velen doen het dagelijks. Dat we het doen, heeft volgens Eckhart Tolle alles met ons ego te maken.
Geen komen, geen gaan
De Vietnamese boeddhistische monnik, vredesactivist, dichter en schrijver Thich Nhat Hanh schreef het volgende gedicht over het mysterie van leven en dood.
Geen komen, geen gaan
Dit lichaam is niet ik.
Ik ben niet gevangen in dit lichaam,
Ik ben leven zonder grens.
Ik ben nooit geboren en ik sterf nooit.
Kijk naar de oceaan en naar de hemel vol sterren,
manifestaties van mijn wonderlijke, ware geest.
Sinds de tijd zonder begin, ben ik altijd vrij geweest.
Geboorte en dood zijn slechts deuren waar we doorheen gaan,
heilige drempels op onze reis.
Geboorte en dood zijn een verstoppertjesspel.
Dus lach met mij,
houd mijn hand vast,
laten we elkaar gedag zeggen,
gedag zeggen om elkaar weer te ontmoeten.
We ontmoeten elkaar vandaag,
we zullen elkaar morgen ontmoeten,
we ontmoeten elkaar ieder moment aan de bron,
we ontmoeten elkaar in alle vormen van het leven.

